Omdat ik zowaar gewerkt heb het vorige jaar mag ik van de belastingdienst een T-biljet invullen. Het probleem is echter dat ik de ballen verstand heb van belastingen, daarbij ben ik allerminst handig met cijfers. Nog relevanter: ik ben aartslui. Mijn ouders laten hun papieren reeds dertig jaar invullen door een man uit Gorssel. Mijnheer Oosterveld. Ik belde hem op met de vraag of hij me een handje kon helpen. Dat was geen probleem. Sterker nog, als ik diezelfde avond kwam, zou hij de paperassen meteen invullen. Daarop toog ik met vriend S. richting het kleine dorp Gorssel en belandde in een vrij troosteloze straat. We stapten uit de auto en keken door het raam van het hoekhuis. Daar zat een oude man, doelloos voor zich uit te staren. Hem moesten we hebben.
Ik krijg welhaast iedere dag zure mailtjes van mensen die me een vrouwenhater, fascist, demagoog en wel meer vinden. Dikwijls is het niveau niet echt om over naar huis te schrijven, eigenlijk nooit. Maar goed, vermakelijk is het wel. Bovendien word ik er gelukkig van. Edoch, je blijft je afvragen wat crapuul van dit niveau op mijn website komt doen. Het zal wel. Check deze, broer.
van marjanneke, 18 jaar jaar oud,
aan ozcan.akyol@gmail.com
datum17 april 2010 17:26
onderwerp: Email verstuurd via contact form op ozcanakyol.nl
details verbergen 17:26 (1 uur geleden)
ruik jij naar zuurtjes als jehebt gescheten? schijthuis.zie die kluiten strond al voor me hangen aan die zwarte haren tussen die naat onder het wippen.Nee kan er niet nat van worden.ze is de dans ontsprongen!!!!!!hahahahahahaha met haar toileteren!!!!!!
Ze waren verbolgen over de uitspraken die de tweede man van het Vaticaan had gedaan. De jongen met het donkere haar vertelde ernstig hoe hij het nieuws tot zich had genomen en welke onmetelijke woede zich meester van hem had gemaakt. ‘Het zijn gewoon zieke gasten, man. Ze moeten allemaal opgesloten worden.’ Ik keek op van mijn boek en sloeg de niet zo latente homo’s gade. De trein had net het station van Ermelo in razend tempo gepasseerd, een conducteur controleerde in de verte zielloos de kaartjes, binnen zat het reizende volk knorrig voor zich uit te staren, met uitzondering van de twee kompanen; zij waren in de greep van de katholieke bullebak. Ik liet mijn boek voor wat het was, verzat even en bestudeerde aandachtig de jongens die schuin tegenover mij zetelden in de stiltecoupé.
Hij liep alleen door Amsterdam. Honderden toeristen krioelden bestemmingloos over de wallen, zonder bijzondere aandacht voor hem. Onze held wierp af en toe een vermetele blik op een aantrekkelijke vreemdeling, vooral Spaanse vrouwen genoten zijn voorkeur, maar als hij hun aanhang taxeerde, wist hij dat het beter was om niet aan zijn diepgewortelde verlangens toe te geven. Neen, het was veiliger om te flirten met een vrouw achter het raam. Een hoer. Die deed niet moeilijk als ze onverschillig was voor zijn avances, ze richtte enkel haar aandacht op de volgende passant. Hij liep niet zonder reden door de beroemdste rosse buurt van de wereld, hij was hier om zelfvertrouwen te kweken. Straks zou hij Amber namelijk ontmoeten.
Mijn stagebedrijf had me gevraagd of ik een Wikipedia-conferentie wilde bezoeken in Amsterdam. Het was de bedoeling dat ik er ideeën zou opdoen, mogelijk voor een boek. Dus ik liep vrijdag vroeg in de ochtend door de bouwput die Amsterdam heet, zigzagde langs een aantal levenskrachtige scholieren en installeerde me in een zaaltje op de zevende verdieping van de Openbare Bibliotheek. Enkele minuten later arriveerde ook een collega, met wie ik de acht uur durende conferentie ging uitzitten. We zagen in het programmaboekje dat filosofen, professors, onderzoekers en meer knappe mensen uit de hele wereld een kort lezinkje zouden houden. Maar vooral zagen we het somber in, voor ons zelf.
