Ali Modaal heeft ook leider nodig

Nederland is in paniek. De opmars van de PVV lijkt niet te stuiten. De partij van voorman Geert Wilders boekte een sensationele winst in de verkiezingen voor het Europees Parlement en lijkt op weg naar nog meer succes in 2011 – dan zijn de volgende kabinetsverkiezingen. Het volk heeft gesproken. Volgens sommigen had het signaal van de kiezer niets te maken met Europa, maar was het louter een uiting van onvrede over het beleid dat de huidige regering voert. Het is een interessante theorie met een aperte kern van waarheid. Toch klopt zij niet helemaal. De pro-Europa campagne van D66, die lijnrecht tegenover het gedachtegoed van de PVV staat, heeft namelijk wel zijn vruchten afgeworpen. Het volk is kennelijk sterk verdeeld.

Wat opviel na de eerste prognoses was de amechtige poging van diverse actualiteitenrubrieken om het electoraat van de PVV in kaart te brengen. De verslaggevers sjeesden door het hele land en vonden opvallend vaak mensen die een dommige indruk maakten en bovendien weinig politieke bagage met zich meedroegen. Of dit bewust is gebeurd, bijvoorbeeld door selectieve montage, valt moeilijk te zeggen. Maar als je af moet gaan op het beeld van de PVV-kiezer dat door een meerderheid van de media wordt geschetst, dan is de aanhang van de PVV ronduit dwaas en ongeletterd. Daar geloof ik niet in. Evenmin geloof ik het feit dat alle buitenlanders, en moslims in het bijzonder, slecht integreren en crimineel gedrag vertonen.

Het probleem groeit voornamelijk door het schuilgedrag van intellectuelen die niet participeren in het integratiedebat, voornamelijk in de hoek van de zogenaamde vijand – de allochtoon. Het aantal intellectuele allochtonen dat aan de hand van feiten, dus zonder geleid te worden door emoties, een positieve boodschap kan overbrengen in het publieke debat is op één hand te tellen. Nu moet Nederland het doen met figuren die hun persoonlijk ongeluk uiten op televisie en in kranten. De fietsenmaker in Pekela die de waarde van zijn huis ziet dalen door de komst van een asielzoekerscentrum en de jonge Marokkaanse student die geen stageplek kan vinden en deze frustratie op discriminatie gooit. Er is een ontwikkeling aan de gang waardoor deze mensen steeds meer spreekruimte krijgen.

Afgelopen dinsdag schoof bijvoorbeeld bij Knevel en Van den Brink Yasmin Nasr aan, een jonge moslima uit Amsterdam die met een bus vol Marokkaanse jongeren een tour gaat maken langs plaatsen waar de PVV de grootste partij is. Zij vertelde dat ze in dialoog wil gaan met deze mensen om hen te overtuigen dat moslims geen dreiging vormen voor de toekomst van Nederland. Nasr maakte een onstuimige indruk en wees allerlei drogredenen aan om het gedrag van Marokkaanse probleemjongeren te billijken. Het slopen van een voetbalstadion zou haantjesgedrag zijn, dat typisch iets is voor alle mannen en daarbij vond zij het dubieus dat de woonwijk van Volkert van der G. niet uitgelicht werd in de media. Toen Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, zijn daad had gepleegd, gebeurde dat wel met Slotervaart.

De Marokkaanse samenleving doet er beter aan als zij gaan praten met haar eigen achterban, niet met de rechtse aanhang van Geert Wilders die de ontwikkeling van de multiculturele samenleving als een bedreiging ziet voor de culturele identiteit van Nederland. De vraag is alleen: welke mensen moeten dit doen? Het lijkt er op dat alleen de zogeheten mensen van de straat zich willen mengen in de discussie. Laat dat nou net het probleem zijn. Het volk wil onderling recht scheppen en wederzijds begrip creëren. Maar het volk denkt en praat alleen in emoties. Wat de allochtone populatie in Nederland nodig heeft, is een sterke, intellectuele en charismatische leider die zowel de taal van het volk als die van de politieke elite spreekt. Iemand die Ali Modaal begrijpt. Iemand als Geert Wilders. Pas dan mogen we dromen van een constructieve dialoog met resultaat.