Dronken sms’jes

Altijd als ik laveloos ben, blijf ik in staat om sms’jes op te stellen in correct Nederlands. Soms moet ik wel één oog dichtknijpen opdat het bewegende beeld me niet belemmert tijdens het tikken, doch zo’n bericht schrijven lukt altijd. De liefde voor het woord wint het van elk bacchanaal. Zo liep ik zaterdagnacht bijvoorbeeld straalbezopen over De Brink, het uitgaansplein van Deventer, en besloot ik een aantal meisjes uit het verleden én heden te verblijden met mijn aandacht. Nu was het veel te veel werk om elk mokkel afzonderlijk een sms te sturen, dus ik besloot een groep samen te stellen – dat kan op mijn Nokia. Ik noemde deze groep: hoertjes!

De groep ‘hoertjes’ was een bonte verzameling van meisjes met wie ik heb geflirt of zelfs een korte liefdesbetrekking heb gehad. Halverwege het grote plein hield ik halt, nam ik zetel op een verlaten bankje en begon te tikken. Ik wilde mijn tekst niet te bombastisch maken doch gewoon kort en pregnant. Derhalve besloot ik, na een aantal keer revisie te hebben gepleegd, dat ik voor het bericht IK MIS JOU! ging. Wat mij betrof een sms’je van de bovenste plank. Ik drukte op de verzendknop en eer ik het wist was mijn sms aan acht verschillende meisjes verstuurd. Dat was me wat. Nu was het wachten op de reacties die mijn epistel teweeg zou brengen.

Intussen kuierde ik met mijn handen in mijn jaszak vrolijk over De Brink. Mijn teamgenoten, met wie ik eerder die avond een discotheek had bezocht in het dorp Bathmen, waren ieder hun eigen weegs gegaan. Iedereen had zo zijn eigen belang en dat was maar goed ook. Samenhokken is voor kippen. Terwijl ik met de nodige moeite een ingekomen sms aan het lezen was, struikelde ik over een politieauto die ik niet had gezien, maakte ik een koprol over de motorkap van de Volkswagen en landde vrij hard aan de andere kant van het vehikel op de grond. De agenten waren op dat moment elders, vermoedelijk een ruzie sussen in een kroeg, en zagen dus niet op welke ongelukkige manier ik over hun auto viel.

Nadat ik moeizaam was opgekrabbeld van de koude grond, de viezigheid van mijn jas had afgeklopt en na enig speurwerk mijn telefoon weer vond, las ik de sms die mij was verstuurd. Een ex-vriendin uit een ver verleden was kennelijk nog wakker: JE BENT WEER DRONKEN HE? Dit mokkel had er kijk op. Ik besloot niet te reageren. Ik haastte mij naar het nieuwbakken loungecafé dat onze koekstad rijk is, vatte post aan de toog van die pretentieuze tent en bestelde een glas Jack Daniels. Intussen was er nog een sms binnengekomen. De tekst luidde: HI, ALLEOS WELL? LEUK JE WEER TE ZOENJ, MORGMIDDAG IS PRIEMA! Een half uur hield ik me bezig met dit bericht.

Ik liet de inhoud van het sms’je aan andere kroeggangers lezen, in de hoop dat zij het wel begrepen. Uiteindelijk was de conclusie dat zij, de scribent van het bericht, zo dronken was als een Maleier, en misschien nog wel verder heen was dan ik. Aan de bar raakte ik in gesprek met een vrouw. Zij was die week dertig geworden en vierde dat met haar vriendinnen. Ik trakteerde haar op een glas Boswandeling en bestelde voor mezelf nog een whisky. De vrouw vertelde over haar baan als accountmanager. Ik deed mijn best om te luisteren naar die zever van haar, maar dat lukte niet altijd even goed. De volgende sms die ik ontving bood een prima gelegenheid om weg te geraken bij dat jarige wijf.

Met mijn telefoon in mijn hand liep ik de trap af naar beneden, richting de toiletten, en sloot ik aan in de lange rij. Ik hoorde mensen mokken. ‘Die klootzak zit al een kwartier daarbinnen’, zei een boer met een pokdalig gezicht. ‘Die hufter is natuurlijk aan het snuiven’, verhelderde ik. De jongens in de rij zwegen en dachten misschien na over mijn woorden. Mij interesseerde het eigenlijk geen kut wat ze deden. Ik wilde alleen het derde sms’je lezen. Er stond: ÖZCAN, JE HEBT ME ZOVEEL PIJN GEDAAN EN NU ZOEK JE WEER CONTACT. IK SNAP JE NIET. IK BEN ER KLAAR MEE. X. Dat was een boel drama op zo’n klein schermpje. Intussen besloten de jongens die hoognodig moesten dat ze naar het vrouwentoilet gingen. Pissen kon ook daar prima.

De deur van de wc ging open, een klerenkast van een portier trad naar buiten en keek in de spiegel. Met een stoere blik wilde hij iets zeggen, maar toen ik hem attent maakte op de korrels wit op zijn boksersneus, liep hij meteen weg. Intussen was een andere jongen het schijthuis ingeglipt. Ik bleef wachten, want nu moest ik ook nodig. De jarige vrouw stond ineens naast me en maakte een grapje. Ik veinsde een glimlach. Toen ontving ik weer een sms. Nog voor het lezen, wiste ik het bericht. ‘Niet belangrijk?’ vroeg ze. ‘Niet echt’, zei ik. Ze begon aan een verhaal over haar raskat en tegelijkertijd was het herentoilet weer beschikbaar. Ik onderbrak haar verhaal abrupt. ‘Nu ga ik even naar mijn eigen gezeik luisteren’, zei ik. En ik trok de deur van de wc heel stevig achter me dicht.