Gelijkwaardigheid

In 2016 werd ik me meer dan ooit bewust van mijn etnische achtergrond, terwijl ik me de afgelopen jaren vooral Nederlander en Deventenaar was gaan voelen. Er ging geen incident voorbij, of de positie van Marokkanen, Turken en moslims werd ter discussie gesteld.

Ik ben de laatste die zal ontkennen dat het integratieproces ongemak met zich meebrengt, maar bovenstaande diagnose heeft vooral voor vervreemding gezorgd.

Hoewel ik dit land omarm, word ik keer op keer op mijn achtergrond gewezen. Van boze burgers tot gevestigde journalisten, iedereen die moeite heeft met een onwelgevallige mening, zegt tegenwoordig zonder morele barrières dat de optie om op te rotten altijd bestaat.

Als iemand met een kleur kritiek uit, wordt hij gelabeld als een ongewenste buitenstaander, die uit is op het vernietigen van de Nederlandse cultuur.

Deze dynamiek verraadt dat ik bijvoorbeeld volgens grote groepen nooit volwaardig deel heb uitgemaakt van dit land: ze zien me nog altijd als een Turk, ondanks het feit dat mijn wieg hier stond, ik nooit een geloof heb aangehangen en mijn vriendin én onze baby blond haar en blauwe ogen hebben.

En zelfs zonder die laatste statistieken zouden jongens en meisjes die op dit continent zijn getogen en niets hebben met het land waaruit hun grootouders immigreerden, zonder verdachtmaking kritiek moeten kunnen uiten.

Zolang dit niet het geval is, bestaat er geen gelijkwaardigheid, die sowieso al door peilingen en media-uitingen is ontmaskerd als fictief gedrocht.

Er ontstaat steeds meer een klimaat waarin zelfverklaarde heersers, ‘het gewone volk’, de verhoudingen op scherp zetten, zodat tegenstellingen almaar groter worden. En in de media faciliteren we graag het debat tussen extremen, omdat het spanning en sensatie oplevert, het is goed voor de verkoopcijfers.

Maar niet iedere Nederlander is een PVV’er. En niet alle mensen met een migratieachtergrond hangen de ideologie van DENK aan. Het zijn kwaadaardige lieden die zulks prediken.

De Hollandse nuchterheid, een karaktereigenschap die ons handelsmerk was en die zo veel goede dingen heeft opgeleverd, lijkt plaats te hebben gemaakt voor massahysterie.

Deze ontwikkeling is gevaarlijk. Als gekleurde critici niet meer alles durven zeggen, omdat anderen hun recht op burgerschap in twijfel trekken, is de gelijkwaardigheid in Nederland allang verdwenen. En dat stemt me somber en moedeloos.

(deze column verscheen eerder in het Algemeen Dagblad)